Economische gevolgen van Gelijkwaardigheidsmodel
Misschien wel de belangrijkste voordelen van het gelijkwaardigheidsmodel is dat er een andere economie ontstaat, leidend tot een eerlijker inkomensverdeling en betere zorg voor het milieu.
Wel moet dan iedereen willen meedoen met het gelijkwaardigheidsmodel. En dat is nog zeer onzeker. Het gelijkwaardigheidsmodel moet zich eerst maar eens op kleine schaal in pilots bewijzen.
Investering in deposito’s, obligaties en aandelen betekent een bijdrage aan de reële economie, omdat er een streven is naar opbrengst of rendement.
Investering in edelmetalen (goud, zilver, platina) en cryptovaluta betekent speculatief handelen in grote onzekerheid. Er zit geen rendement aan vast, maar louter waardeverandering. We belanden dan in een speculatieve economie. Net als swapproducten als CDR (credit default swap). Maar het is droevig gesteld met die speculatieve economie.
Er zijn winnaars en evenveel verliezers. De maatschappij wordt er niet beter van. Welvaart is alleen afkomstig via de reële economie. Teveel geld lekt weg naar de speculatieve economie.
Deposito’s en obligaties vinden hun weg weer naar de reële economie als bijdrage aan eigen of vreemd vermogen (of soms als bijdrage aan de speculatieve economie).
Arbeid heeft ook geïnvesteerd. Immers studenten hebben jarenlang honderden uren besteed aan studie en stages alvorens op de arbeidsmarkt te komen. Daarna hebben medewerkers soms jarenlange praktijkervaring opgedaan. Daarmee heeft arbeid, net als kapitaal, ook geïnvesteerd in de maatschappij. Kapitaal biedt geld aan en arbeid biedt werk aan.
De (financiële) relatie tussen kapitaal en arbeid ontstaat pas bij ondernemingen. Kapitaal kan afkomstig zijn uit de reële economie of uit de speculatieve economie. De onderneming is een gelijkwaardige samenwerking tussen ingelegd kapitaal en ingezette arbeid in een bepaalde verhouding tegen zo laag mogelijke kosten voor het kapitaal en de arbeid (t.w. de posten dividend en lonen). Periodiek moet deze verhouding worden aangepast met betrekking tot verandering in producten en diensten en ontwikkelingen op de kapitaal- en arbeidsmarkt.
Gebeurt dit zo gelijkwaardig bij alle ondernemingen dan ontstaat er een evenwichtige verhouding tussen kapitaal en arbeid. Oftewel het maatschappelijk rendement uit arbeid is gelijk aan het maatschappelijk rendement uit kapitaal bij gebruik van het gelijkwaardigheidsmodel, waarbij arbeid ook risicodragend is ingezet (8).
Het gelijkwaardigheidsmodel is niet tegen belastingverlaging op arbeid en verhoging van belasting op vermogen, maar vindt dat beloning ook bij de bron moet worden aangepakt om de afkalvende beloning van arbeid t.o.v. kapitaal van de afgelopen 40 jaar te kunnen stoppen via gelijkwaardige beloning van kapitaal en arbeid. Immers de arbeidsinkomensquote heeft al jaren een dalende trend (9).
NB. Het is niet ondenkbaar dat door invloed van kunstmatige intelligentie, de rol van arbeid minder wordt ten opzichte van kapitaal.
NB. De lonen worden uitgekeerd in 12 of 13 maandelijkse perioden op basis van een boekjaar. De voorgestelde posten voor dividend en lonen worden besproken en toegelicht aan de ondernemingsraad en goedgekeurd in de interne stakeholdersvergadering.
NB. Het gevolg van de gelijkwaardige methodiek is dat de resultaten in tijd verschuiven: pensioenen zullen later worden uitgekeerd omdat werknemers nog loon ontvangen uit het afgelopen boekjaar en jonge werknemers die starten met werken, zullen hun loon ontvangen van de overheid tot het eerste boekjaar voorbij is en werknemers loon ontvangen van de onderneming.
Belastingen
Laten we veronderstellen dat alle Nederlandse ondernemingen gebruik maken van het gelijkwaardigheidsmodel. We beschouwen dan het effect voor de belastingen in vergelijking tot het bestaande aandeelhoudersmodel.
Omdat het inkomen uit arbeid en kapitaal komen door een gelijkwaardige beloning, hoeft de inkomstenbelasting geen onderscheid meer te maken op inkomsten uit vermogen (kapitaal) en inkomsten uit werk (arbeid). Dan kan dat inkomen (uit menselijk vermogen + financieel vermogen) worden belast in box1 en kan box3 verdwijnen.
Geadviseerd wordt ook vermogenswinst (-verlies) als inkomsten jaarlijks mee te nemen bij de belastingheffing. Hierdoor zal vermogenswinst/-verlies op cryptvaluta, edelmetalen en vastgoed belastbaar worden, waardoor zowel winnaars als verliezers op de vermogensmarkt profiteren.
Hiermee is het beloningsverschil tussen kapitaal (vermogen) en arbeid (loon) opgeheven en komen we tot een eerlijker inkomensverdeling.
NB. Als box3 zou verdwijnen dan zal zullen de tarieven voor box1 mogelijk opnieuw worden vastgesteld. Ook het afzonderlijke tarief voor box 2 kan mogelijk onder voorwaarden onder box 1 worden gebracht. Deze fiscale hervorming maakt het hele belastingsysteem een stuk eenvoudiger.
Een deposito is een rentedragende lening. Dat is Kapitaal dat geen directe, maar een indirecte relatie heeft tot arbeid. Immers, leningen worden ook weer ingezet in de reële economie.
Belastingtarieven zouden zo moeten worden ingevuld dat inkomens voldoende hoog zijn waardoor zaken als toeslagen tot een minimum worden beperkt (waardoor een het rondpompen van belastinggelden wordt vermeden).
NB. De belastingheffing via het gelijkwaardigheidsmodel zal mogelijk kunnen leiden tot andere belastingtarieven voor vennootschapsbelasting. Immers, als arbeid ook onder risicodragend ondernemen wordt beschouwd (als balanspost), dan wordt de brutowinst hoger (loonpost ontbreekt in de resultatenrekening) en wordt de vennootschapsbelasting hoger.
Dit zou weer kunnen worden gecompenseerd door het tarief voor vennootschapsbelasting te verlagen naar 15% (het minimum volgens internationale afspraken).
Inflatie
Ook hier gaan we uit van de aanname dat alle Nederlandse ondernemingen gebruik maken van het gelijkwaardigheidsmodel.
Het gelijkwaardigheidsmodel waarin kapitaal en arbeid gelijkwaardig worden behandeld en waarin loon- en dividenduitkeringen worden gebaseerd op een verhouding (beide uit ongeveer gelijk rendement uit vermogen), zal een dempend effect hebben op de inflatie:
- Kostenstructuur en prijsstelling
Omdat de lonen direct gekoppeld zijn aan de bedrijfsresultaten, kunnen bedrijven bij hogere winsten hogere lonen uitkeren; dit kan leiden tot een toename van de koopkracht van werknemers, wat de vraag naar goederen en diensten kan verhogen en mogelijk inflatoire druk kan veroorzaken.
- Stabilisatie van lonen en prijzen
Doordat lonen en dividenden gekoppeld zijn aan de economische prestaties van bedrijven, kunnen loonstijgingen meer in lijn zijn met productiviteitsgroei; dit kan helpen om ongecontroleerde loonstijgingen en prijsinflatie te voorkomen, wat kan bijdragen aan economische stabiliteit.
- Automatische stabilisatoren
Het model fungeert mogelijk als een automatische stabilisator, waarbij in periodes van economische groei hogere winsten leiden tot hogere lonen en in periodes van economische neergang winsten (en dus lonen) dalen; dit kan helpen om de economische cycli af te vlakken en de inflatie onder controle te houden.
- Inkomensverdeling
De gelijkwaardige behandeling van kapitaal en arbeid zal leiden tot een eerlijkere inkomensverdeling; een meer gelijkmatige verdeling van de economische opbrengsten kan helpen om de vraag te stabiliseren en extreme prijsschommelingen te voorkomen.
NB. Let wel, de loonpost is de voor veel ondernemingen de grootste post in de prijsopbouw van producten en diensten.
Politieke partijen
Linkse politieke partijen hebben grote moeite met het idee dat vakbonden een deel van hun werkzaamheden moeten veranderen. Juist de loononderhandeling geeft vakbonden een machtspositie met staking als dreiging. Aantasting van deze positie wordt op voorhand afgewezen door linkse politieke partijen.
Gelijkwaardige groei kapitaal en arbeid t.o.v. toegevoegd lang vreemd vermogen
Het gelijkwaardigheidsmodel start met gelijkwaardige groei van rendement op kapitaal en arbeid (dividend resp. lonen). Maar gedurende een boekjaar verandert ook het financieel vermogen (eigen vermogen) en het menselijk vermogen. Daarom is gekozen voor gelijke groei van dividend / (gem.)financieel vermogen en groei van lonen / (gem.)menselijk vermogen. Van daaruit kan worden onderzocht of de beloning moet worden veranderd op basis van veranderde marktomstandigheden in de kapitaal en arbeidsmarkt en nieuwe marktomstandigheden van eigen producten en diensten. Daarnaast kunnen partijen in overleg besluiten tot verdere aanpassing, zoals het laten passeren van dividenduitkering om het eigen vermogen verder te versterken. Ook dan was het vaststellen van de hoogte van het dividend en de loonpost van belang uitsluitend voor de stemverhouding in het komende boekjaar.
De vraag doet zich voor of ook lang vreemd vermogen moet meedoen in de gelijkwaardige groei. Daar is wel iets voor te zeggen omdat lang vreemd vermogen en lang ingehuurd personeel van invloed kan zijn op de verhouding dividend / gem. financieel vermogen en lonen / gem. menselijk vermogen.
Bij financieel vermogen wordt dan de contante waarde van lang vreemd vermogen toegevoegd en bij menselijk vermogen wordt dan de contante waarde van ingebracht extern personeel opgevoerd (denk hierbij aan de externe accountant).
Investeerders bij het gelijkwaardigheidsmodel
Investeerders zullen nuchter en argwanend kijken naar het gelijkwaardigheidsmodel. Is er een redelijk perspectief dat dit betere bedrijfsresultaten oplevert en tot maatschappelijke groei leidt.
Men zal de volgende afwegingen maken:
- Het beperkt de ondernemingsrisico’s als werknemers mede bijdragen aan die risico’s (+)
- Het delen van stemrecht zal moeilijk verteerbaar zijn. Men zal moeten accepteren dat een aandeel geen eigendomsrecht meer betekent (-).
- Men zal onderzoeken willen zien waarin wordt aangetoond dat de arbeidsproductiviteit omhoog gaat door beter gemotiveerd personeel (+).
- Men zal in pilots willen zien dat de samenwerking van de leiding met de ondernemingsraad ondersteund voor de vakbond en met toegevoegde zaakvoerders tot betere besluitvorming leidt (0).
Bij de meeste bedrijven in de reële economie zal het stemrecht van werknemers in de stakeholdersvergadering wel dominant zijn. Business plannen van de leiding zullen door de ondernemingsraad kritisch worden beoordeeld. Zo nodig zullen plannen moeten worden bijgestuurd om de medewerking van de ondernemingsraad te krijgen.
Bij de meeste financiële instellingen en met name bij pensioenfondsen, private equity firms en hedge funds e.d. is de rol van de aandeelhouders dominant door de overheersende zeggenschap in de stakeholdersvergadering.
Dit zorgt meer voor een maatschappelijk evenwicht tussen financiële instellingen en niet-financiële organisaties. Weerbaarheid van organisaties naar financiële instellingen is daarbij een groot goed, zeker bij fusies en overnames. Speculatieve activiteiten zullen sterk verminderen door de vergrote zeggenschap van arbeid in de reële economie.
Terug naar Openingspagina