FOX-besturingssysteem
Stakeholdersmodel


Hoofdstukken FOX-model:


0. Samenvatting


1. Inleiding


2. Wat is er mis met het aandeelhoudersmodel


3. Gelijkwaardigheidsmodel


4. Economische gevolgen van Gelijkwaardigheidsmodel


5. Sociale gevolgen Gelijkwaardigheidsmodel


6. Gelijkwaardigheidsmodel per branche


7. Non-profitsectoren


8. ESG-beheersing


Verwijzingen:


Beschrijving

Waarom is een ander Besturingsmodel gewenst

In de maatschappij heerst er een gevoel van onvrede over de inkomens- en vermogensontwikkeling. Er heerst bij grote groepen van de bevolking een gevoel dat er geen vooruitgang meer is. De bankencrisis heeft zeker bijgedragen aan deze onvrede. Dit komt tot uiting door de occupy-beweging, maar ook door de gele hesje in Frankrijk en België. Het zijn de professoren Piketty, Milanovic en Van Bavel, die ons erop hebben gewezen dat kapitaal veel beter wordt beloond dan arbeid. De arbeidsinkomensquote is gedaald van 90% in de jaren 80 tot 73% nu. Het leidt tot steeds grotere welvaartsverschillen tussen arm en rijk.
Prijzen van woningen rijzen de pan uit en de AEX-koersen blijven maar stijgen. Maar ook: Steeds meer mensen moeten een beroep doen op toeslagen ter aanvulling van het eigen salaris. Veel jongeren zijn niet meer in staat om woonruimte te bemachtigen. Kapitaalkrachtige personen krijgen ook steeds meer invloed op bestuurlijk niveau. Gemeenten kunnen niet meer rondkomen en besluiten tot bezuiniging op bibliotheken, muziekscholen, zwembaden, jeugdzorg, ouderenzorg, etc. Met zoekt een uitweg via verhoging van de lasten voor haar burgers via onroerend zaak belasting. De overheid is steeds minder in staat om essentiële diensten goed te kunnen bekostigen. Te denken valt aan de zwakke invulling van defensie, politie, justitie, de afkalvende kwaliteit van het onderwijs, de grote tekorten in de gezondheidszorg (jeugdzorg, ouderenzorg, psychiatrische instellingen, ziekenhuizen), etc.
Daar komt nog bij dat grote investeringen nodig zijn om de klimaatdoelen te halen.

Bij de bevolking is een gevoel ontstaan dat de politiek de zaak niet meer in de hand heeft. Mensen gaan er langzamerhand op achteruit. Linkse partijen moeten opkomen voor de zwakkeren in de samenleving, maar uiteindelijke levert dit weinig op. Vakbonden hebben nog maar weinig invloed op ondernemingen doordat nog maar weinig werknemers lid zijn van een vakbond.
Zo is er sfeer ontstaan bij veel burgers dat het anders moet. Vooral burgers met minder opleiding en praktisch geschoolden. Er is een roep naar een sterke leider. Er komt een ruk naar rechts. De democratie wordt aangetast, want de leider heeft andere ideeën. Deze trend doet zich voor in verschillende landen in Nederland, Europa en elders. Democratische instituties worden gesloten en budgetten worden verminderd. De nuance wordt weggepoetst. De sterke leider maakt keuzes die niet iedereen zal bekoren. Oligarchen grijpen hun kansen. Uiteindelijk ontstaat er nog bredere onderlaag die op nog veel minder voorzieningen kan rekenen.

In de non-profitsectoren komen besluiten nog redelijke democratisch tot stand. In de profitsector komen vooral de problemen voor. Het kapitaal is leidend in de ondernemingen en arbeid mag slechts inspraak hebben. Daar zit de constructiefout. Werknemers hebben geen zeggenschap, maar ook geen ondernemingsrisico. We maken gebruik van het vrije marktmechanisme, maar de belangrijkste kostenpost de personeelskosten is aan een grote restrictie verbonden.

Maar werknemers hebben ook jarenlang geïnvesteerd in opleidingen en ervaringen om de werkzaamheden binnen de bedrijven te kunnen uitvoeren. Het zijn derhalve niet alleen de aandeelhouders die in bedrijven hebben geïnvesteerd.

Het FOX-model heeft gekozen voor een gezamenlijke verantwoordelijkheid van Financieel Kapitaal (Geld) en Menselijk Kapitaal (Werk) voor de onderneming. De macht wordt gezamenlijk gedeeld. Zorg voor de leef- en werkomgeving is een gezamenlijk verantwoordelijkheid geworden. Hiermee wordt de democratie in ondernemingen vorm gegeven.

Het resultaat zal leiden tot een eerlijker inkomensverdeling met gemiddeld hoger loon voor werknemers en minder extreme beloningen voor leidinggevenden en management door de zeggenschap van werknemers via de ondernemingsraad.
Hoger loon voor veel burgers stimuleert de consumptie meer dan hoog loon van weinigen die eerder voor zichzelf zorgen dan voor maatschappelijke expansie. Meer loon, meer consumptie betekent meer (selectieve) groei en meer belastinginkomsten en betere dienstverlening door de overheid.
Meer tevreden burgers ondersteunen de democratie en voelen weinig voor de sterke leider.

NB. Opmerking los van het gelijkwaarigheidsmodel:
Maatschappelijk is het niet bevorderlijk dat banken het recht hebben gekregen geld te mogen creëren en centrale banken dit doen via opkoop van (staats)obligaties. Het leidt tot risicovol gedrag en het aanjagen van schulden en groei van waarde in vastgoed en aandelen. Ook het nastreven van een inflatie van 2% is een waanidee die zorgt voor toename van schulden. Centrale banken moeten zich bezig houden met controle op de geldhoeveelheid en de lange termijnrente overlaten aan de vrije markt van vraag en aanbod op de kapitaalmarkt.

Terug naar Openingspagina