FOX-besturingssysteem
Stakeholdersmodel


Hoofdstukken FOX-model:


0. Samenvatting


1. Inleiding


2. Wat is er mis met het aandeelhoudersmodel


3. Gelijkwaardigheidsmodel


4. Economische gevolgen van Gelijkwaardigheidsmodel


5. Sociale gevolgen Gelijkwaardigheidsmodel


6. Gelijkwaardigheidsmodel per branche


7. Non-profitsectoren


8. ESG-beheersing


Verwijzingen:


Beschrijving

Verwijzingen:

(1) ‘The Hidden Wealth of Nations’, door Gabriel Zucman, Kapitaal en ideologie’, door Thomas Piketty pleiten voor verhoging vermogensbelasting en verlaging belasting op arbeid.

(2) Het Angelsaksische model zijn we vooral in de Verenigde Staten, Verenigd Koninkrijk, Canada en Australië. Daarin is de vrije markt allesbepalend. In West-Europa zijn ondernemingen meer sociaal gericht en daarmee aanhanger van het Rijnlandse besturingsmodel met brede welvaart. VNO-NCW heeft gekozen voor het nieuw Rijnlands model met brede welvaart als kompas': 'Wij kiezen voor nieuw Rijnlands model met brede welvaart als kompas' . Toch hebben landen als Duitsland en Nederland nog wel sterk neoliberale trekken van het Angelsaksische model (De teloorgang van het Rijnlands model - Me Judice).

(3) Het boek ‘Iedereen aandeelhouder’ van Pacale Nieuwland-Jansen. Het is een uitgave van SNPI (Stichting Nederlands Participatie Instituut) dat ondernemingen adviseert over deelname van medewerkers aan de organisatie

(4) Uitgegaan wordt van de life-time inkomensmethode van Jorgenson en Fraumeni, gebaseerd op de toekomstige inkomensstroom tussen de 15e en 64e levensjaar van alle Nederlanders. De OESO heeft methoden ontwikkeld om menselijk kapitaal uit te drukken in geld. Het CPB (Marieke Rensman) heeft de gegevens bewerkt voor Nederland
De onderneming kan uitgaan van eigen gemiddelden voor de verdiensten, maar ook uit het sociaal statistisch bestand (SSB) van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Het geeft inzicht in de beloningsgraad van de onderneming t.o.v. statistische gemiddelden.

(5) Voorbeeld van een berekening van menselijk kapitaal is opgenomen in het boek ‘Een andere kijk op economie’ van Ries van der Vos (zie onder 'publiciteit').

(6) groei rendement Eigen vermogen = 0,01614
uit: (3000/(94100+93800)/2 - 2950/(93800+94000)/2 / (3000/(94100+93800)/2)
(LONEN/(18400+18100)/2 - 2453/(1800+18300)/2 / LONEN/(18400+18100)/2) is ook 0,01614
door gelijke groei kapitaal en arbeid.

Hieruit volgt: LONEN =2500

Hierbij is: 2035 20342033
---- --------
Dividend 3000 2950
Eigen verm. 94100 9380094000
Lonen berekend: 2500 2453
Mens.verm. 18400 18100 18300


(7) Bij invoering van menselijk vermogen op de balans doet zich direct de vraag op hoe groot dan de waarde wordt van het financieel vermogen als gevolg van de invoering van het menselijk vermogen. Het bestaande eigen vermogen zal mogelijk anders moeten worden gewaardeerd. Bij beursgenoteerde bedrijven kunnen we misschien blijven vasthouden aan de beurswaarde als eerste richtlijn en bij andere vennootschappen kunnen we uitgaan van de handelswaarde op de vrije markt. Maar dit vermogen wordt wel verstoord door het menselijk vermogen.

Het menselijk vermogen kan worden bepaald door:
  1. Verplichtingen aan werknemers (zoals opgebouwde pensioenen, verlofdagen en andere secundaire arbeidsvoorwaarden).
  2. Vergoedingen en salarissen (vergoeding en salarissen verschuldigd aan werknemers).
  3. Contractuele verplichtingen (zoals langetermijncontracten).
Hier zien we weer de noodzakelijke samenwerking terug tussen aandeelhouders en werknemers. Samen op weg naar een goed resultaat. We zouden ook een andere insteek kunnen toevoegen. Het financieel vermogen wordt de contante waarde van het laatste dividend met als horizon dezelfde horizon als die van het menselijk kapitaal (tot het pensioen van de laatste medewerker). Deze berekening kan worden vergeleken met de marktwaarde.

Het menselijk kapitaal zou ook kunnen worden bepaald door:
  1. Kwalificaties en opleiding
    De waarde van de kwalificaties, vaardigheden en opleidingen van werknemers op basis van de kosten van opleiding, certificering en ontwikkeling.
  2. Werkervaring
    Opgebouwde werkervaring en expertise van werknemers door het aantal dienstjaren en de specifieke expertise die ze meebrengen. LI>Productiviteit en prestaties
    Productiviteit en prestaties van werknemers gemeten aan de hand van hun bijdrage aan de winst en groei van het bedrijf.
  3. Toekomstige verdiencapaciteit
    Potentieel van werknemers om bij te dragen aan toekomstige inkomsten en groei op basis van prognoses. Het financieel kapitaal is eenvoudiger te bepalen via jaarlijkse inventarisaties. ‘De accoutant moet hier zijn weg in kunnen vinden’.
(8) Er is veel te onderzoeken over het rendement op kapitaal en arbeid. Zowel per onderneming als landelijk. Algemeen kunnen we stellen dat het rendement op kapitaal ongeveer even groot zou moeten zijn als het rendement op arbeid, zowel landelijk als per onderneming. Als er wel een behoorlijke afwijking is, dan kan het betekenen dat er maatregelen wenselijk zijn. Is het rendement van kapitaal hoger dan het rendement van arbeid, dan is arbeid goedkoop of het menselijk vermogen te groot. Maatregelen zijn dan mogelijk op zijn plaats: betere beloning of verlaging van het menselijk vermogen (afvloeiing van medewerkers). Ook is het denkbaar dat wat minder dividend wordt uitgekeerd of het eigen vermogen wat wordt uitgebreid. Als het rendement van kapitaal duidelijk hoger is, dan is er een onevenwichtigheid. Dit kan bijvoorbeeld worden opgelost door minder te mechaniseren met meer handwerk, waardoor het financieel vermogen kleiner wordt en het menselijk vermogen groter.
Voor het rendement op kapitaal hebben we een verwijzing naar de kapitaalmarkt en daar verhandelde rentetarieven met risico-opslag voor de bedrijfsvoering. Daarmee begint beeldvorming over gewenst rendement op arbeid. Het mag allemaal niet te veel afwijken van elkaar. Immers kapitaal en arbeid hebben een economische relatie gekregen.

NB. In deze ruwe benadering tellen we de speculatieve economie niet mee omdat daar evenveel winnaars als verliezers zijn.

De lonen van non-profit sectoren zijn min of meer afgeleid van de profitsectoren en liggen gemiddeld lager dan in de profitsector door het ontbreken van ondernemingsrisico. Ook de non-profit sector doet beroep op de kapitaalmarkt. Probleem bij de kapitaalmarkt is de rente door de ECB wordt vastgesteld en niet door de vrije markt van vraag en aanbod van kapitaal, hoewel beide niet veel van elkaar zullen afwijken (ECB volgt de markt en beïnvloedt dit een beetje).

Bij sommige ondernemingen is de onbalans tussen kapitaal en arbeid moeilijk op te heffen door lokale omstandigheden. Zoals krapte op de arbeidsmarkt, waardoor hoge lonen nodig zijn. Hierdoor kan het rendement van het menselijk kapitaal te hoog zijn. Het streven is om het rendement op kapitaal gelijk te houden, dan zou die ook hoog moeten zijn. Maar mogelijk is niet altijd ruimte om het dividend voldoende hoog te krijgen om de loonpost op peil te houden. Ook is het niet altijd mogelijk om processen te mechaniseren, waardoor de rol van arbeid wordt verlicht.

(9) Arbeidsinkomensquote

(10) De CSRD-rapportages per bedrijfssector zijn aanvankelijk gericht op grote ondernemingen. Middelgrote en kleine ondernemingen hoeven deze rapportages nog niet op te leveren. Daar volgen later andere rapportages voor. Het weerhoudt deze organisaties niet om reeds rekening te houden met het doorvoeren van klimaat en sociale maatregelen als bedoeld in de CSRD-rapportages voor zover van toepassing op kleinere organisaties. Corporate sustainability due diligence - European Commission

CSDDD richtlijn goedgekeurd, de Europese Raad is Akkoord - Sustainability Intelligence. De richtlijn zal bedrijven verplichten om systematische due diligence-processen te implementeren en transparanter te zijn over hun duurzaamheidsinspanningen. Hiermee worden duurzaamheidseisen gesteld aan relaties van grote ondernemingen.

(11) 85% pensioengelden in Nederland afkomstig van pensioenbeleggingen Vermogensopbouw Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) Vermogensopbouw

(12) 25 hoogleraren ondersteunen idee van maatschappelijke adviesraad: Ander bedrijfsbestuur nodig voor vergroten bestaanszekerheid.

(13) Kritiek op maatschappelijk raad: De macht weghalen bij aandeelhouders maakt bedrijven stuurloos - Me Judice

(14) Ferreras: Op 16 mei 2020 werd het opiniestuk Travail: Démocratiser, démarchandiser, dépolluer (Werk: Democratiseren, decommodificeren, vergroenen) ondertekend door ruim drieduizend onderzoekers van ruim zevenhonderd universiteiten en wetenschappelijke instellingen over de hele wereld, en gepubliceerd in 43 kranten en opiniebladen, in 27 talen, in 36 landen. Democratiseer Ons Weerk! Pleidooi Vor een Reorganisatie van de Economie (2023) – Isabelle Ferreras

(15) Boek ‘Less is more, how degrowth will save the world’ en Boek: ‘Degrowth’ door Jason Hickel: Degrowth-pionier Jason Hickel: ‘Grote delen van onze economie zijn destructief en onnodig’ - NRC

(16) Kate Raworth, boek ‘The Donut economy’

(17) Kim Putters: Rede Putters-NL.pdf ‘Navigeren op het smalle pad van brede welvaart’

Terug naar Openingspagina